Wednesday, May 30, 2007
Stress op de Fabiola
Het spik en span is eraf. Er ligt een piepklein hoopje op de tapis plein. Je moet dichterbij komen om het te zien. Op dek twee heeft een mevrouw overgegeven. Net als twee mijnheren in dezelfde gang, vlak naast mijn duur betaalde planten. Tien dollar per pot, alstublieft, alles voor het plezier van de passagier. Het gezelschap heeft te veel gedronken in de Western Bar. In plaats van ook op tijd in hun kajuit te gaan liggen. Nu kan ik alleen nog hopen dat de vlekken zullen aansluiten bij de tekening op het tapijt. Het is begot de eerste keer dat we uitvaren. Dit schip moet nog een heel leven mee. Bij wijze van wens heb ik het De Fabiola gedoopt, omdat de meeste Fabiola’s voor kwaliteit en duurzaamheid staan.
De Fabiola doorklieft de Middellandse Zee. We vertrekken in Venetië. Acht dagen en drie Griekse eilanden later zijn we weer terug. Onderweg meren we aan in lieflijke haventjes voor moussaka, inbegrepen in het tarief. Ik heb folders laten drukken, reclamebudgetten vrijgemaakt en aan verantwoorde prijsstelling gedaan. Voorts heb ik voor de lol een oude quizmaster ingehuurd én twee achtergrondzangeressen waarvan ik voorspel dat we nog van ze zullen horen. Verzekeringen en medicamenten zijn voorzien. De kapitein heet Haeck, de kok Brokkenpap, maar dat hoeft niemand te weten. Voor iedere passagier die intekent, zijn er twee personeelsleden aan boord. Zoiets noem ik service.
Dag vier. Twee dolfijnruggen fonkelen in de ochtendzon. Aan de einder doemt het stadje Katakolon op. Eén van mijn medewerkers hangt volgende info op het prikbord: Vroeger was Katakolon een centrum van internationale rozijnenexport. Nu is het een populaire badplaats. Van hieruit kunnen liefhebbers facultatief een bezoek brengen aan Olympia, de bakermat van de Olympische spelen. Vanavond vergasten we de passagiers op een sportief buffet van gehaktb… Toet! Toet! Kapitein Haeck blaast twee keer hard op de hoorn. De Fabiola scheert rakelings langs een uit de kluiten gewassen onbewoond eiland. Drie passagiers slaan overboord. Een vierde braakt over de reling. Een themamenu van gisteravond kletst halfverteerd tegen de patrijspoorten van de ontbijtzaal. En het management meldt mij dat we door de voorraad Touristil heen zitten.
Het is niet meer leuk op de Fabiola. Het zwembad is te klein. De quizmaster ontpopt zich als een tweedekeus rokkenjager. Twee poetsvrouwen verschansen zich op dek vier. De sanitaire blokken rieken kwalijk. De mensen klagen dat het stinkt. De mensen klagen dat ze zich vervelen.. In plaats van van het uitzicht te genieten, willen ze souvenirs shoppen. Ze geven hoe dan ook te weinig geld uit. Ik kan de dagelijkse aanvoer van vers fruit niet meer bekostigen. De bananen aan het ontbijtbuffet lachen minder en minder. Het management klopt op de deur van mijn kajuit met meer slecht nieuws. En ik zat al met drie scheve excellsheets te huilen op mijn bed. Escape. Escape. Dat ze hun plan trekken met de Fabiola. Control alt delete. Do you want to save this game? Not! Ik heb werk te doen. En per muis klik ik dit Word-document dicht. Doeme toch.
(eerder verschenen in Vacature)
Monday, May 21, 2007
Nota bene
Het zijn geen verzinsels. Het staat zwart op wit op pagina 33. En pagina, dat schrijf ik met de p van professioneel. Mijn a’s hebben wallen van veel na te denken. Mijn g is rechtsdraaiend naar buiten wat wil zeggen dat ik snel ben en van goed niveau. En het puntje op mijn i ten slotte is geen puntje, maar een streepje. Bovendien hangt het half vast aan de g. Kortom, ik heb een sterk combinatievermogen en een vlotte gedachtengang. Het staat genoteerd op bladzijde 84 met de b van bescheiden.
Ik ben trots op mijn geschrift en over mijn handtekening heb ik nagedacht. Het is krachtig en uitgebalanceerd. Helemaal anders dan dat van pakweg president Bush. De g van zijn George hangt te trillen gelijk een volgelopen snotbel. Zulke dingen zijn geen toeval. Of denkt u misschien dat paus Benedictus in vieze onderlobben schrijft? Paus Benedictus heeft trouwens helemaal geen onderkant. Zelfs als hij zou willen, hij heeft begot nergens plaats om onkuisheden te verbergen. Alleen de p van paus heeft een beneden, maar die is te mager om veel in te conserveren.
Onlangs ben ik nog tot proefondervindelijkheid overgegaan. Niet in het Vaticaan. Wel op een persconferentie bij VTM. De Aardappel was er ook. Ik noem hem zo sinds ik zijn handschrift onder ogen kreeg. Toen hij naar het toilet ging en zijn notitieboekje onbewaakt op zijn stoel liet liggen, sloeg ik ongemerkt toe. Ik heb vliegensvlug gegraaid, gekeken en besloten. Zijn geschrift lag erbij gelijk een knollenveld. Met een paar joekels van spelfouten, met de f van fecalie, nota bene precies zoals zijn initialen.
(eerder verschenen in Vacature)
Sunday, May 20, 2007
Doeme toch. Ge maakt heel het internet vuil.
Friday, May 18, 2007
Als ik mezelf ophang
Thursday, May 17, 2007
Monday, May 14, 2007
Democratie in de vangrail
Hij knoopte zijn stropdas los, zwierde hem door het raampje op de achterbank en kneep zijn oogjes halfdicht in de zon. Dit had het begin kunnen zijn van een frivool verhaal, maar dat is het niet. Onder anderen omdat ik voorovergebogen achter het stuur mijn uitgegooide schoenen zocht tussen de pedalen. Bovendien had ik mijn jasje aan de linkerkant over de zonneklep gedrapeerd tegen het nieuwe klimaat. Ik had mijn nagels gevijld, vier keer naar dezelfde nieuwsberichten geluisterd en mijn wenkbrauwen bijgewerkt in de achteruitkijkspiegel. We stonden al meer dan anderhalf uur bumper tegen bumper op het viaduct van Merksem, BMW5 met leren zetels, Fiesta met sponsen stoeltjes.
Ik zwaaide het portier van mijn auto open, kletste mijn schoenen op het asfalt en stapte zuchtend uit. Samen met een Hollandse vrachtwagenchauffeur. Op zijn t-shirt stond in sierlijke letters Hengelsportvereniging Vislust. “Nou, ik heb anders nog een paar blikkies in de koeler liggen”, zei hij. Niet tegen mij. Wel tegen de mevrouw met de dikke borsten in het gehaakte truitje achter mij. Het was niet de bedoeling dat ik bestellingen ging plaatsen.
Het pak zonder das glimlachte beleefd en ongevraagd ging ik naast hem op de vangrail zitten. “Dit kunt ge toch geen mobiliteit meer noemen”, stoomde ik. “Weet ge wat dit is, meneer?”, vroeg ik. “Dit is democratie, meneer. Gij met uw BMW en ik met mijn Fiesta en alles eromheen. We kunnen niet voor of achter. Voor één keer zitten we allemaal op dezelfde rij. Als dat niet gezellig is. Gelooft gij in toeval? ” Hij knikte: “Er is een vrachtwagen gekanteld in Schoten.”
Het pak zonder das liet zich niet tot échte uitspraken verleiden. Dan maar vragen stellen. Waar hij heen moest en waar hij vandaan kwam. Brasschaat, nog vier kilometer. Van zijn werk. Verdiende de boterham als revisor. Opnieuw stilte. Van de weeromstuit kreeg ik zin in een potje proletarisch plagen. Uit verveling. Om de verbazing te zien op zijn revisorengezicht. En ook omdat de warmte me naar het goed fatsoen was gestegen. “De kloten van King Kong”, hoorde ik mezelf vragen. “Noemt gij die ook zo?” De revisor wist niet wat hij hoorde. “Ik bedoel die grote bruine silo’s aan de andere kant van de ring. Ik heb me eens laten wijsmaken dat ze die bollen in Antwerpen de kloten van King Kong noemen. Vandaar dat ik het even vraag.” De man lachte erg voorzichtig en schudde ten slotte van nee.
En toen ging het mis. Het werd twee seconden wazig voor mijn ogen en mijn evenwicht kwam scheef te hangen. Ik greep de revisor bij zijn mouw, probeerde mezelf met mijn hakken aan de vangrail vast te haken, maar er was geen redden meer aan. Achterover sloeg ik het struikgewas in. “Wat doet u nu, mevrouw”, vroeg de revisor. “Gaat het, mevrouw?” Hij slaagde er niet in om zijn plezier kundig te verbergen. “Ja, meneer, het gaat, meneer”, antwoordde ik kort. Waarna ik goddank telefoon kreeg en het portier van de Fiesta snel achter me dichtgooide. Spreek mij niet over democratie. In de vangrail niet en nergens niet.
(eerder verschenen in Vacature)
Sunday, May 13, 2007
Monday, May 7, 2007
Lelijke associatie
Iedereen is gewaarschuwd. Dit is een geval van lelijke associatie. Voor de gelegenheid zal ik achterstevoren beginnen. Of binnenstebuiten. Het maakt niet uit waar de opening zit. Associaties schieten toch alle kanten op, tegelijk. Onbetrouwbare huisdieren zijn het, die je van viezigheid naar viezigheid sleuren. Tot je op het laatst mee het struikgewas in moet. Omdat de vrouwtjeshond van de buren daar ook zit.
***
Enfin. Tijd voor wat associatie. Neem een goed ingericht seminariezaaltje, compleet met interessante praat, stoelen van Maarten Van Severen, tafel van MDF Italia en broodjes met buffelmozarella, verse pesto. Alles is netjes behalve de gedachten. En dat komt allemaal door de garnituur naast de broodjes. Ik zie het exotisch fruit liggen en vraag me af hoe die dingen weer heten. Ze zijn Chinees geloof ik, of Kaapverdisch. Het zijn bruine, verfrommelde blaadjes met een gouden besje in. Quatchees? Klinkt goed. Zou kunnen. Of nee, zo noemen ze die Chinese balletjes, die helemaal niet om op te eten zijn.
Wanneer was dat nu weer? Dat ik daar een stukje over moest schrijven? Het was een erotische demonstratieavond voor vrouwen, zo’n avond waar het normaal over ‘ook in de microgolf en de vaatwasser’ gaat, maar dan moderner en bevrijd. Al herinner ik me dat er op de erotische demonstratie ook modellen waren die in de vaatwasser en de microgolf konden.
Ik wist niet goed wat ik ervan moest denken. Vooral niet meer toen de demonstratrice op het einde van de avond te kennen gaf dat ze al de hele demonstratie lang aan het demonstreren was hoe discreet Chinese balletjes wel niet konden zijn.
Wij hadden in ieder geval de hele avond allerlei balletjes zitten doorgeven, samen met glibberingen, triltrollen, kussenslopen met geheime opbergvakken en flesjes om je alle lakens én de tapijtjes naast het bed mee om zeep te helpen. Bovendien lag de hele tafel vol gerief. Wat trouwens tot verwarring had geleid bij de fotograaf, die foto’s moest maken bij het artikel. Zij dacht dat de demonstratiemodellen om mee te nemen waren. En dat had ze nietsvermoedend ook gedaan.
De demonstratrice had alles gezien en daarop in stilte enig opzoekingswerk verricht. Drie weken later kreeg de fotograaf een factuur in de bus. Tot scha en schande ten huize van. Er was geen redden meer aan. Hoe meer de fotograaf wilde uitleggen dat het een vergissing was hoe gênanter het werd. De demonstratrice bleef bij haar verhaal: diefstal en overdreven preutsheid, op conto van de fotograaf. Bij wijze van compromis werd na een paar dagen in Antwerpen X een anoniem pakje gesorteerd en terugbezorgd.
Maar hoe heette het gestolen goed nu weer? Het klonk betrouwbaar, een beetje wetenschappelijk, een beetje Romeins en makkelijk om in te brengen. Gladiator niet. Zoiets kun je bezwaarlijk vrouwvriendelijk noemen. Concullega, dat was het! Net zoals in: Beste vrienden, medewerkers en concullega’s, van harte welkom op dit seminarie. En toen gingen mijn gedachten er lelijk met mezelf vandoor. Overigens zonder enige waarschuwing.

