De vierde soort slim heet volgens Howard Gardner ruimtelijke intelligentie. Op zijn sjiek gezegd is het de capaciteit om adequaat om te gaan met visuele informatie zoals plannen, kaarten en schemas. In de praktijk van twee gezusters wil het zeggen dat ik altijd tamelijk wild en laattijdig uit een doolhof tevoorschijn kwam. Terwijl mijn zus al minutenlang aanwijzingen stond te roepen over de muurtjes. Het is er sindsdien niet beter op geworden.
***
Als ik bij mensen op bezoek ben, vergeet ik onmiddellijk waar de voordeur is. Niet zelden probeer ik na een afscheid langs een slaapkamerdeur terug naar huis te vertrekken. Het ziet er vreselijk indiscreet uit, maar het is alleen maar onkunde. In ieder geval zal het mijn zus niet overkomen, want mijn zus heeft inzicht.
Drang om de werking van de dingen te ontdekken had ik nochtans genoeg. Ik heb menig gebruiksvoorwerp losgeschroefd en opengehaald, maar daar bleef het bij. Nooit van mijn leven kreeg ik álle dingen terug in het doosje. Blijft gij maar overal van af, want gij doet toch alles kapot, waren veelgehoorde zinnen uit mijn kindertijd. Op mijn zus waren ze nooit kwaad, want mijn zus zorgde ervoor dat de dingen klopten.
Als wij vroeger ruzie maakten over een Legoblokje, deed ik dat alleen maar om mij aan te stellen. Want ik ben nooit een Lego-wonder geweest. (Zelfs nu krijg ik geen Kinder Surprise fatsoenlijk in elkaar gedraaid.) Mijn zus daarentegen tekende plannen op ruitjespapier en trok hele dorpen recht. Later zaten in haar boekentas de meest ingewikkelde tekeningen in Rotring. “Welk nut heeft in godsnaam een 33-hoek”, lachte ik na de uitleg. Tot op de dag van vandaag heb ik gedaan alsof ik niet onder de indruk was, maar nu draag ik de prijzenvaas voor ruimtelijke intelligentie aan mijn zus op.
2-2
(eerder verschenen in Het slimste boek ter wereld)